|
Meinerswijk ![]() Achter het castellum is een kolk, die bij een dijkdoorbraak in 1789 is ontstaan. Langs de dijk naar Driel is nog een kolk, die daar ontstond na een dijkdoorbraak in 1820. De plassen ontstonden door afgravingen voor de steenindustrie. De grote plas in het noorden (het gat van Bruil) ontstond door zandwinning voor de wegenbouw. Dit gat is ca. 25m diep. In de afgelopen jaren is de begroeiing van Meinerswijk aanzienlijk veranderd. Tot het begin van de jaren '90 was het gebied een doorsnee-uiterwaard, die gebruikt werd door de baksteenindustrie en door boeren. In de laatste decennia is Meinerswijk teruggegeven aan de natuur en dat had grote invloeden op de plantengroei en het dierenleven. De laatste volledige inventarisatie van Meinerswijk dateert van 1989. Toen werden meer dan 350 soorten planten vastgesteld. Inmiddels is gebleken dat er minstens 30 soorten zijn bijgekomen. Het opvallendst is de bosontwikkeling: vroeger was er in Meinerswijk nauwelijk bos te vinden. Nu zijn er verschillende wilgenbossen met bomen van meer dan 15 meter hoog. De eenvormige graslanden vormden zich om tot soortenrijke ruigtes. Ten zuiden van de Meginhardweg is in 1991 onderzoek gedaan naar de bodemvervuiling, waaruit bleek dat er ongeveer 35 ha vervuilde grond is. Er ligt huisvuil en bedrijfsafval. |
Hoe komt u er?
Met eigen vervoer: Wandelen
Meinerswijk is gedeeltelijk vrij toegankelijk. |